Het Gebit
Klik op de foto voor een vergroting... Het is verstandig om het bekijken van het gebit van uw Ierse Setter stapsgewijs aan te leren. Wel is het belangrijk dat u de neus en ogen van de hond altijd vrij houdt. Als uw Ier aan het wisselen is moet u extra voorzichtig zijn. Tussen de 3 en 7 maanden.
Kijk het gebit regelmatig en zorgvuldig na. Begin hier niet pas mee als u een slechte adem ruikt bij uw Ierse Setter, of pas als er tandsteen is ontstaan.
Tandsteen kan tanduitval en pijnlijke tandvleesontstekingen veroorzaken. Er zijn diverse artikelen verkrijgbaar voor de verzorging van het gebit van de hond. Zo zijn er speciale tandenborstels en tandpasta voor honden te koop.
  U kunt hiermee zelf het gebit van uw hond verzorgen. Het is wel belangrijk dat u de pup hiermee van jongs af aan vertrouwd maakt. Op deze manier kunt u de vorming van tandplaque en tandsteen voorkomen.
  Een volwassen hond heeft normaal gesproken 42 tanden, een jonge pup heeft er slechts 28. De chronologische ontwikkeling van het gebit is als volgt:
 
  Soort tanden Doorkomen Melkgebit Wisselen tot blijvend gebit
  Snijtanden 3 - 4 weken 3 - 5 maanden
  Hoektanden 3- 5 weken 5 - 7 maanden
  Kiezen 4 - 12 weken 4 - 7 maanden
   
  Wisselen van het gebit
  Vanaf drie maanden begint bij uw Ierse Setter het wisselen van het gebit. Als het blijvend gebit doorkomt, duwen ze de melktanden weg die daardoor uitvallen. U hoeft zich geen zorgen te maken als u de uitgevallen melktanden niet kunt vinden, de hond slikt ze namelijk meestal door. Het is belangrijk dat u het wisselen bij de pup controleert. Soms blijven de melktanden namelijk staan. Deze moeten dan door de dierenarts verwijderd worden. Na ±7 maanden heeft uw Ierse setter zijn definitieve gebit.